Visiedocument

 

De TechniekRaad brengt jaarlijks een zogenaamd Visiedocument uit met daarin de meest actuele (technische) arbeidsmarktcijfers in Noord-Holland. Met deze analyse wordt meer inzicht verkregen in de vraag van de arbeidsmarkt en het aanbod vanuit het scholenveld. Het rapport geeft goed inzicht in de provinciale technische arbeidsmarkt, articuleert de arbeidsvraag van het bedrijfsleven, schetst de in- en uitstroom van leerlingen en studenten van de technische opleidingen in Noord-Holland en geeft de tekorten aan. De informatie uit het rapport dient als input voor de doelmatigheidsdiscussie en kan door alle betrokken partijen worden gebruikt.

Tekorten op arbeidsmarkt blijven groot

De laatste jaren is er meer overleg en samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven. Het MEI-convenant is daar een goed voorbeeld van. Ondanks de positieve effecten van deze samenwerking zien we dat er op een aantal onderwijsniveaus en -richtingen nog doelmatiger kan worden opgeleid. Er zijn immers grote tekorten op de arbeidsmarkt aan afgestudeerden van bepaalde technische opleidingsrichtingen. Veel bedrijven geven aan moeilijk aan bepaald technisch personeel te kunnen komen, vooral op het hogere niveau. Dit remt hen in groei en innovatie. Daarentegen zijn er ook overschotten aan afgestudeerden van enkele technische opleidingen. Denk bijvoorbeeld aan Hout en Meubel.

  1. In 2016 zijn naar schatting 5.223 technisch gediplomeerden (mbo en hbo) de Noord-Hollandse arbeidsmarkt opgegaan, waarvan circa 3.600 mbo-ers en 1.600 HBO-ers.
  2. De ROC’s leveren over het algemeen studenten af van technische opleidingen waaraan de arbeidsmarkt grote behoefte heeft. Maar tekorten op de arbeidsmarkt betekenen -net als overschotten- dat de (macro-)doelmatigheid niet optimaal is.
  3. Er is een groot tekort op de arbeidsmarkt aan nagenoeg alle technisch HBO-gediplomeerden, waarbij – net als vorig jaar – de grootste tekorten bestaan aan gediplomeerden werktuigbouwkunde en chemie & chemische technologie.
  4. De arbeidsmarkt verandert continu: waar vorig jaar nog overschotten bestonden, zijn dit jaar tekorten geconstateerd. Ook zijn bepaalde overschotten verschoven naar evenwicht. Het tekort aan technici engineering in 2015 is vanaf 2016 verschoven naar licht overschot.

Verschuivingen in specifieke tekorten hebben zich met name vorig jaar voorgedaan. Deze verschuivingen zijn dit jaar bestendigd. In 2014 bestond er bijvoorbeeld voor relatief veel gediplomeerden van de opleidingen in de metaalbewerking nog (lichte) overschotten. Een jaar later is dit overschot verschoven in evenwicht of zelfs tekort. Die grotere behoefte vanuit de arbeidsmarkt zien we helaas nauwelijks terug in het aantal (nieuwe) inschrijvingen in deze opleidingen. Een andere grote verschuiving zien we terug bij Bouw en infra. De tekorten aan gediplomeerden zijn in deze richting, mede als gevolg van het economisch herstel, in relatief korte tijd flink toegenomen.

  1. Na een stijging van het aantal ICT-gediplomeerden tot 2013, daalt het aantal MBO-ICT gediplomeerden weer vanaf 2014 tot ruim 900 in 2016.
  2. In de provincie Noord-Holland bestaan de meeste tekorten aan gediplomeerden met een MBO-opleiding in de installatie-, elektro- en metaaltechniek (m.u.v. technici engineering), bouw en infra en procestechniek.
  3. Het aantal opleidingen dat teveel gediplomeerden aflevert, is beperkt. Alleen Hout en Meubel heeft relatief nog veel opleidingen waaraan minder behoefte is. Daarnaast heeft de arbeidsmarkt weinig behoefte aan ICT-gediplomeerden niveau 2.
  4. Overschot gaat soms gepaard met zeer grote aantallen studenten terwijl het aantal deelnemers aan opleidingen waaraan een tekort is, vaak zeer gering is.

Aanbod vanuit VMBO

We hebben op basis van de DUO-bestanden geconstateerd dat binnen de basis- en kaderberoepsgerichte leerwegen in het VMBO slechts 17,6% dit jaar heeft gekozen voor techniek. Dat percentage is (nog steeds) te weinig en blijft zorgelijk, mede gezien de ongunstige prognoses. Met name in de Kop van Noord-Holland is weinig technisch VMBO terwijl daar veel technische bedrijven zijn gevestigd.

  1. De laatste drie jaar daalt het aantal VMBO-leerlingen techniek in Noord-Holland tot 3.280 leerlingen in 2016/17. Dat is een daling van 2% t.o.v. een jaar eerder.
  2. 19% van de Noord-Hollandse techniekleerlingen in het VMBO doet dit jaar PIE (Produceren, Instaleren en Energie) en 9% doet BWI (Bouwen, Wonen en Interieur).
  3. Het aantal geslaagden VMBO-techniek stijgt dit jaar in Noord-Holland met bijna 16% naar 1.646.
  4. Het verwachte aantal VMBO-leerlingen daalt door met name demografische ontwikkelingen tot 18% minder leerlingen in 2028.

Aanbod vanuit beroepsonderwijs

Een en ander geldt ook voor het technisch MBO in de provincie. Het percentage leerlingen in het MBO dat een technische opleiding volgt ten opzichte van alle MBO-leerlingen, stijgt niet en is dit jaar zelfs iets gedaald naar 26,3%. Als we de doelstelling van het Techniekpact willen halen – 4 op de 10 leerlingen kiest techniek – dan valt er nog heel wat te doen.

  1. In 2016 zijn 5.553 mensen geslaagd voor een technische opleiding in het Noord-Hollandse MBO. Dat is een stijging van 6% t.o.v. 2015.
  2. ROC van Amsterdam levert in de provincie bijna de helft van alle technisch MBO-gediplomeerden af.
  3. Vanaf 2013 groeit het aantal techniekstudenten op de Noord-Hollandse ROC’s. In 2016 volgen ruim 14.500 studenten een techniekopleiding aan een ROC in Noord-Holland (incl. ICT-studenten). Dat is 3,7% meer dan een jaar eerder.
  4. In 2015 zijn 1.768 mensen geslaagd voor een technische opleiding in het HBO in Noord-Holland (HvA en InHolland) waarvan 88% afkomstig van de HvA. Sinds 2012 is het aantal HBO-techniek gediplomeerden in Noord-Holland stijgende. In 2015 met maar liefst 8,5%.
  5. Het aantal deelnemers aan een HBO-opleiding techniek in Noord-Holland (HvA en InHolland) stijgt al jaren op beide hogescholen naar 13.358 in 2016.

Stagemarkt

De tekorten aan stage- en leerwerkplekken zijn substantieel verminderd. Er is nu zelfs sprake van overschot hier en daar, dat wil zeggen dat werkgevers hun stageplaatsen niet altijd meer krijgen vervuld, met name in het hogere segment.

  1. De stagemarkt is in 2016 redelijk in evenwicht gekomen, hoewel er nog steeds te weinig stageplaatsen zijn voor een aantal opleidingen. Voor het eerst zijn er nu ook overschotten aan stageplaatsen geconstateerd. Werkgevers bieden dan leerwerkplekken aan waarvoor geen studenten te vinden zijn.

 Spreiding in opleidingsaanbod

De spreiding in opleidingenaanbod kan nog meer worden gericht op de regionale arbeidsmarktvraag. We hebben immers gezien dat er voor een aantal technische beroepen geen opleidingsmogelijkheden bestaan in de regio, terwijl er in de regio wel grote tekorten aan deze gediplomeerden bestaan. Opleidingsmogelijkheden worden soms teveel geconcentreerd en dan is de bereikbaarheid in het geding. Dit is wel begrijpelijk vanuit het perspectief van de onderwijsinstellingen, maar pakt negatief uit voor het bedrijfsleven. Vanuit het bedrijfsleven en het onderwijs – ook opleidingsbedrijven – zijn we in gesprek om een oplossing te zoeken en nieuw aanbod te ontwikkelen. Daarbij dient nog meer aandacht te zijn voor het gesprek met het MKB: ca. 95% van het Noord-Hollandse bedrijfsleven behoort immers tot het MKB.

  1. Een deel van het tekort aan bepaalde vaktechnici kan worden beperkt als het opleidingenaanbod beter wordt gespreid over de provincie. Bepaalde technische opleidingen waaraan grote behoefte is, kunnen helemaal niet worden gevolgd op de Noord-Hollandse ROC’s.

Imago en aantrekkingskracht

Tegelijkertijd wordt gewerkt aan het imago en de aantrekkelijkheid van zowel de technische sector als de technische opleidingen zodat meer leerlingen het technisch onderwijs instromen. Instroomactiviteiten in technische opleidingen zullen daarom moeten worden geïntensiveerd. Of misschien wel over een andere boeg worden gegooid. Wie zal het zeggen, want effecten van techniekpromotieactiviteiten zijn immers niet of nauwelijks meetbaar. We gaan er van uit dat aantrekkelijk beroepsonderwijs met contextrijke leeromgevingen, aansluitend op de leefwereld van jongeren, adequate beroepenvoorlichting, doorlopende leerlijnen in de verschillende onderwijsniveaus, vakmanschapsroutes en technologieroutes de instroom kunnen bevorderen. Ook het bedrijfsleven zal daarbij een nog grotere rol moeten pakken.

Maar een nuancering is hier op z’n plaats. Bijna één op de drie technisch MBO-gediplomeerden gaat niet aan het werk in de techniek. Verreweg het grootste deel daarvan omdat men de vacatures/ingangen niet kent. Deze mismatch betekent een enorme desinvestering in het onderwijs. Als deze mensen wel in de technische functie zouden gaan werken waarvoor ze zijn opgeleid, zouden er geen tekorten meer maar een overschot op de arbeidsmarkt bestaan. Dat geldt ook voor de 6.000 technici die op dit moment werkloos zijn in Noord-Holland.

  1. In 2016 heeft slechts 17,6% van de leerlingen gekozen voor een technisch profiel/richting in het 3e leerjaar van het vmbo in Noord-Holland.
  2. In Noord-Holland volgt 26,3% van alle mbo-leerlingen in 2016 een technische opleiding. In 2015 was dat 27,0%.
  3. Circa 30% van de technische schoolverlaters in het MBO is anderhalf jaar na het behalen van het diploma niet werkzaam in een technische functie. Verreweg de meesten daarvan omdat ze geen technische baan kunnen vinden.

Voor een betere aansluiting tussen onderwijs – arbeidsmarkt dient de samenwerking tussen het onderwijs en bedrijfsleven te worden geïntensiveerd. Er gebeurt al veel, maar helaas wordt nog onvoldoende geïnvesteerd in meerjarige samenwerking tussen onderwijs en bedrijfsleven.

 U kunt het visiedocument van de TechniekRaad downloaden door te klikken op:

Deel deze pagina via: